Terug
 
"Toen had je Chinese restaurants competities, dat waren voetbalcompetities op maandagmorgen. Ja, ik zat nog op school. Maar op maandag zijn al die Chinese restaurants dicht. Koen - die werkte vroeger in China Garden - ging altijd een briefje voor me schrijven dat ik naar de dokter moest."
Dit verhaal is onderdeel van luistervoorstelling: Over de Eerste Generatie – duur 28’38”.
En onderdeel van de collectie: Chinese Restaurantverhalen.

John Tsang (Rotterdam – Katendrecht, 1953 – 2020)

Hij is geboren op de zolder aan de Brede Hilledijk 165, als zoon van Jim Tsang en moeder Toos Catharina van Soest. Als 8-jarige speelde hij in de voetbalcompetities met alle medewerkers van Chinese restaurants. De voetbalwedstrijden speelden zich af door het hele land én op de maandagochtenden, op de vaste dag dat alle Chinese restaurants gesloten waren. John spijbelde dan van school. Er schreef altijd wel iemand een briefje voor hem dat hij naar de dokter moest. Hij groeide op in het staartje van Chinatown op de Kaap en kan zich nog goed de Chinese Lottoman herinneren van Delistraat 14, waar het grote boarding house was. ’s Middags, na schooltijd, ging hij eten in de opiumkits waar alle Chinezen aan de opiumpijp lagen. Van de winst werd daar tweemaal per dag gekookt; zo werd voor de oudere Chinezen die geen inkomen hadden, de huur opgebracht en zaten zij nooit zonder eten. Toen zijn ouders naar de Meeuwenplaat en later de Zalmplaat verhuisden, bleef John op de Kaap. Hij ging wonen bij de familie Tchang, tante Jans en ome Poffa, de vader van zijn vriendje en buurjongen Pautje, die als kok werkte in het Chinese restaurant Yuen Wah aan de Schiedamse Vest. Daar lieten John en Pautje regelmatig een grote pan met bami en vlees vullen, die ze dan samen terug sjouwden en overbrachten met het veerbootje. Later werkte Shihfa Tchang, onder de Chinezen bekend als Poffa of Afa, tot op hoge leeftijd als kok bij restaurant Chong Kok Low aan de Delistraat. In de schoolvakanties ging John zelf werken bij China Garden aan de Binnenweg. Na zijn schooltijd en militaire dienst werd hij expediteur en heeft hij bij verschillende bedrijven gewerkt.

Meer verhalen met
Onderwerp: Eten / koken  Sport  Wonen  
Locatie: Katendrecht  
Deel dit verhaal
Credits
Techniek/editing:
Interviewer:
Muziek:
Ondersteund door:
Meer vertellers uit deze luistervoorstelling
"In de Chinese traditie bij ons op Katendrecht, was het zo, ze hielpen elkaar altijd. Zo zijn de Chinese restaurants ontstaan. Chong Kok Low was de oudste - het eerste Chinese restaurant in Nederland."
"Dus alles veel, in overvloed, met als gevolg dat je nog dagen kalkoen kan eten- of als je soep maakt, nog dagen soep kan eten. Je kan heel de buurt wel uitnodigen om mee te eten. Dat is gewoon iets, een afwijking, die is gewoon genetisch bepaald."
"En zo is mijn vader dus altijd bekend geweest hier. Chinese Kees of Kees Zee. En dan wist iedereen over wie je het had."
"Mijn vader slachtte zelf vroeger zijn kippen. Een hoop Chinezen deden dat. Die hadden dan achter een ruimte gemaakt en dan kochten ze kippen, levende kippen, en dan lieten ze ze opgroeien en die pompten ze vol, dat ze lekker vet waren. En dan, nou mijn vader die wou altijd hebben dat ik het ook deed."
"Nou, toen is mijn moeder daar de boekhouding gaan doen. En dat mijn vader heel goed kan koken - want de liefde gaat door de maag - ja, zo is dat gekomen."
© 2024 Verhalen van Rotterdammers | Website door Mediabreed