Terug
 
"Ik ben nu 26, 27 jaar hier, meer dan de helft van mijn leven. Dat is ook thuis. Ik hang er een beetje tussenin."
Kaire van der Toorn – Guthan (Estland, Tartu, 1969) en zoon Raoul en dochter Luka
Dit verhaal is onderdeel van luistervoorstelling: Rotterdam Estonia 100.
En onderdeel van de collectie: Estlandse migratieverhalen: Rotterdam Estonia 100.

Insecten, wolven, beren, vossen, konijnen en vogels. Kleine pannenkoekjes met jam. Gepofte maïs. En wafelijsjes. Minstens een keer per jaar komt Raoul in Estland, het land van zijn moeder Kaire. ,,We gaan altijd naar mijn oom. Hij heeft gewoon een huis in de stad én een landhuis of hoe je het zegt, in het bos. En ik speel daar heel vaak met mijn neefje. Dan ga ik daar gewoon het bos in en hutten bouwen.’’ Samen met zijn oudere zus Luka groeit Raoul op in Rotterdam, de stad waar zijn moeder Kaire kwam wonen voor de liefde.
Haar leven begon in Tartu, Estlands tweede stad, waar ze opgroeide met haar ouders en broers. ,,Mijn vader was een hele mooie man, gespierd, lang mannelijk. Iemand bij wie je altijd terechtkon voor goede raad.’’ Ademloos luisterde ze naar zijn verhalen. Kaire studeerde medicijnen en zou eigenlijk arts worden, maar ging – toen Estland onafhankelijk werd – de wereld verkennen. Ze zou een jaartje werken in Duitsland als au pair. Daar werd ze verliefd op een Nederlandse jongen voor wie ze in 1993 in Nederland terechtkwam, in Maastricht. Een keerpunt in haar leven. ,,Daar heb ik ontdekt wat ik graag wilde doen in het leven. Grafisch ontwerpen.’’
Door een stage kwam ze in Amsterdam terecht, waar ze een geboren en getogen Rotterdammer leerde kennen, haar uiteindelijke man Arnoud van der Toorn, de vader van zoon Raoul en dochter Luka. Hoe langer ze weg is van Estland, hoe meer ze het mist. Toen Arnoud in april 2018 plots overleed, vroegen veel mensen haar of ze weer terug wilde gaan. ,,Ik ben nu 26, 27 jaar hier, meer dan de helft van mijn leven. Dat is ook thuis. Ik hang er een beetje tussenin.’’
Vanwege het honderdjarig bestaan van Estland (1918 – 2018) heeft ze samen met goede vriend fotograaf Toomas Volkmann honderd Esten geportretteerd, dat begint met een honderdjarige, geboren in 1918 tot en met een 1-jarige uit 2017. Het mondde uit in een boek en in reizende tentoonstelling die na onder meer Tartu, Tallinn, San Francisco, Toronto, Stockholm en Berlijn nu Rotterdam aandoet, haar eigen stad.

Meer verhalen met
Onderwerp: Migratie  
Locatie: Rotterdam-Centrum  
Deel dit verhaal
Credits
Techniek/editing: Laura Schalkwijk
Interviewer: Laura Schalkwijk
Muziek: Marlies du Mosch
Ondersteund door: Joop Reijngoud, Linda Malherbe
Meer vertellers uit deze luistervoorstelling
"En die zingen op zaterdagmiddag en zondagmiddag alleen in het Ests, met Estse muziek en Estse dirigenten. Buitengewoon emotioneel. Dat is iets fantastisch."
"Als kleine baby’s werd we al buiten in de wagen te slapen gelegd om immuun te worden voor de kou."
"Ik krijg er gewoon letterlijk kippenvel van. De geur, de natuur, al die vogels die fluiten. Dat is echt een deel van mij."
"Esten geloven niet zozeer in God of Jezus Christus. Ze geloven meer in bomen. Daarom zijn mensen in Estland misschien ook wat meer geaard."
"Estische smaak is voor mij, is de smaak van dille, dat vind ik zo lekker en elke keer als ik in Estland ben, maak ik elke keer Huttenkäse, dat is ook een beetje Estisch."
"Alles was ineens open, we mochten gaan, alleen niet werken. Om te werken had je een vergunning nodig en als au pair was dat het allermakkelijkst."
"Dan ging oma uit Estland op een krukje staan en dan had ze een heel klein bijbeltje en daar ging ze dan zo dichtbij uit dat bijbeltje lezen.”
"Mijn vader had, hoewel hier geboren, een soort Estse of Russische pathos. Hij was heel erg familiegericht, dat betekent alles voor elkaar over hebben."
"Al onze kinderen zijn in Estland geboren, dat is superbelangrijk voor ons. Estland is een heel groot deel van ons leven."
© 2024 Verhalen van Rotterdammers | Website door Mediabreed