Terug
 
"Dus alles veel, in overvloed, met als gevolg dat je nog dagen kalkoen kan eten- of als je soep maakt, nog dagen soep kan eten. Je kan heel de buurt wel uitnodigen om mee te eten. Dat is gewoon iets, een afwijking, die is gewoon genetisch bepaald."
Dit verhaal is onderdeel van luistervoorstelling: Over de Eerste Generatie – duur 28’38”.
En onderdeel van de collectie: Chinese Restaurantverhalen.

Nicole Bakker (Zwijndrecht, 1963)

Met haar oma, ‘tante Jo’ Kraaijeveld, geboren in 1911, heeft ze altijd een bijzondere band gehad. Ze bleef vaak bij haar logeren in de Atjehstraat en dan gingen ze samen naar de film. ,,We kwamen ook altijd in alle restaurants.’’ Tante Jo woonde samen met Yuen Wah, eigenaar van het restaurant Chong Kok Low aan de Delistraat 18 in Rotterdam-Katendrecht. Later kwam er nog een zaak bij, Yuen Wah Low aan de Schiedamse Vest. Tante Jo sprak vloeiend Chinees en hielp ook veel mensen met hun ziekenfondspapieren, verblijfspapieren of andere problemen. Dat wisten ze zelfs in Hong Kong. ,,Ze werd Ya Ku genoemd, dat betekent zeg maar oudere tante. En bij een oudere tante ga je altijd om raad vragen.’’ Nicole heeft nog menukaarten, rijstkommetjes, wandkleden die in het restaurant aan de muur hingen. Ze kwam als jong meisje al op bezoek bij tante Jo, al wist ze toen niet dat het echt haar oma was. Nicole’s moeder, Diana Zee, groeide op met het idee dat Neeltje Kraaijeveld en Chi Chai Zee haar ouders waren. Pas op veel latere leeftijd hoorde ze dat niet Neeltje, maar diens jongere zus Jo haar moeder was.  Waardoor het kwam dat Chong Kok Low moest sluiten, weet Nicole niet precies. ,,Ik weet wel dat ome Yuen Wah ziek was en is overleden en dat er werd gezegd dat toen de neonverlichting van Chong Kok Low begon te knipperen en is uitgevallen.’’ Tante Jo overleed in 2004, net voor haar 93ste verjaardag. ,,En mijn moeder is drie maanden later overleden.’’ Zelf is Nicole de dochter van Diana en Gerard Bakker, een man van Texel. Ze heeft twee kinderen en heeft lang in de zorg gewerkt en werkt nu als toezichthouder WMO in Den Haag. Ze maakt nog steeds de Chinese kalkoen volgens geheim familierecept. Haar dochter wil het nu ook leren.

Meer verhalen met
Onderwerp: Eten / koken  Migratie  
Deel dit verhaal
Credits
Techniek/editing:
Interviewer:
Muziek:
Ondersteund door:
Meer vertellers uit deze luistervoorstelling
"In de Chinese traditie bij ons op Katendrecht, was het zo, ze hielpen elkaar altijd. Zo zijn de Chinese restaurants ontstaan. Chong Kok Low was de oudste - het eerste Chinese restaurant in Nederland."
"En zo is mijn vader dus altijd bekend geweest hier. Chinese Kees of Kees Zee. En dan wist iedereen over wie je het had."
"Toen had je Chinese restaurants competities, dat waren voetbalcompetities op maandagmorgen. Ja, ik zat nog op school. Maar op maandag zijn al die Chinese restaurants dicht. Koen - die werkte vroeger in China Garden - ging altijd een briefje voor me schrijven dat ik naar de dokter moest."
"Mijn vader slachtte zelf vroeger zijn kippen. Een hoop Chinezen deden dat. Die hadden dan achter een ruimte gemaakt en dan kochten ze kippen, levende kippen, en dan lieten ze ze opgroeien en die pompten ze vol, dat ze lekker vet waren. En dan, nou mijn vader die wou altijd hebben dat ik het ook deed."
"Nou, toen is mijn moeder daar de boekhouding gaan doen. En dat mijn vader heel goed kan koken - want de liefde gaat door de maag - ja, zo is dat gekomen."
© 2024 Verhalen van Rotterdammers | Website door Mediabreed